WIP-richtlijn 2016

De richtlijnen van de Werkgroep Infectiepreventie (WIP-richtlijn) is medio April 2016 vrijgegeven. Een opvallende toevoeging aan de WIP-richtlijn 2016 is een nieuw hoofdstuk, namelijk Hoofdstuk 10: “Kwaliteitsbeleid van water uit de behandelunit”. 

Met betrekking tot het testen en beheersen van waterkwaliteit gaat men in de WIP-richtlijn uit van, de aan de EU-drinkwater richtlijnen gerelateerde norm: < 100 Kolonie Vormende Eenheden (KVE) per milliliter bij 22º C, < 20 KVE/ml bij 37º C en < 100 KVE/l Legionella soorten. Om op deze normen te kunnen toetsen is het noodzakelijk om watermonsters te nemen van de behandelunit. Maar wat houden de regels precies in en wat betekent dit voor u als praktijk?

Regelgeving

In de WIP-richtlijn 2016 staan de volgende belangrijke aspecten in relatie tot waterkwaliteit:

  • Verricht een risico-inventarisatie en stel een beheersplan op voor elke behandelunit in de mondzorgpraktijk;
  • Controleer elke behandelunit op het aantal aerobe waterbacteriën op 22° C, bij voorkeur vlak voor desinfecteren, en leg het aantal KVE/ml vast;
  • Indien < 100 KVE/ml: controleer na 6 maanden opnieuw (Arbo wetgeving m.b.t. het Legionella beheersplan)
  • Indien > 100 KVE/ml: tref maatregelen t.a.v. de infrastructuur en/of het desinfectieprotocol met als doel max. 100 KVE/ml. Controleer zo nodig het inkomende water van het pand. Controleer hierna wederom het aantal KVE/ml en leg vast. Herhaal dit net zo lang tot de norm is bereikt. Daarna kan het controleschema per 6 maanden worden hervat.
  • Indien de norm 100-voudig wordt overschreden (> 10.000 KVE/ml): controleer per behandelunit op de aanwezigheid van Legionella bacteriën volgens NEN 6265. Tref aanvullende maatregelen indien het water van de behandelunit > 100 KVE/l Legionella bacteriën bevat t.a.v. de infrastructuur en/of desinfectieprotocol met als doel max. 100 KVE/l Legionella. Controleer hierna wederom en herhaal tot de norm is bereikt. Daarna kan het controleschema per 6 maanden worden hervat.

Wat wordt er van de praktijk verwacht?

In onderstaand stappenplan leggen wij u graag uit hoe u het beste het testen van de waterkwaliteit kunt aanpakken.

  • Test eens per 6 maanden de waterkwaliteit van de meerfunctiespuit van iedere behandelunit. Volgens de richtlijnen geeft het water uit de meerfunctiespuit een goed beeld van de waterkwaliteit uit de gehele unit. Test hierbij op totale hoeveelheid aerobe bacteriën op kiemgetal 22° C. De controle van het water uit de unit kan uitbesteed worden (laten testen) of mag in eigen beheer gedaan worden (zelf testen).
  • Uit de controle kunnen 3 verschillende waarden komen:
    • De waterkwaliteit is < 100 KVE/ml. Uw waterkwaliteit is conform de Drinkwaterwet: controleer na 6 maanden opnieuw.
    • De waterkwaliteit is > 100 KVE/ml en < 10.000 KVE/ml. Uw waterkwaliteit is verontreinigd: tref maatregelen t.a.v. de infrastructuur en/of het desinfectieprotocol. Blijf testen totdat u < 100 KVE/ml bereikt. Daarna kan het controleschema per 6 maanden worden hervat.
    • De waterkwaliteit is > 10.000 KVE/ml. Uw waterkwaliteit is ernstig verontreinigd: controleer per behandelunit op de aanwezigheid van Legionella bacteriën. Legionella bepalingen dienen uitsluitend te worden uitgevoerd door een laboratorium conform NEN 6265. Het laboratorium van Blue Clinics voldoet aan deze NEN-norm.
  • Bij een eventuele verontreiniging kunt u rekenen op de expertise van Blue Clinics. Iedere praktijk is anders: één oplossing van iedere praktijk is helaas niet toe te passen. Wij begeleiden de praktijk middels het opstellen van een inventarisatie en plan van aanpak. De praktijk gaat met een aangepast protocol aan de slag. In de meeste gevallen is er binnen 4 tot 6 weken een aanzienlijke verbetering van de waterkwaliteit te constateren.